Het leven van Frank (61) met afasie
Voor februari 2023 werkte ik als programmamanager bij het UMCG.
Praten en taal waren heel belangrijk in mijn werk.
Maar in februari 2023 kreeg ik twee herseninfarcten in één week.
Ineens kon ik bijna niet meer praten.
Ik kon alleen nog ‘ja’ en ‘nee’ zeggen.
Ik had afasie.
Mijn leven veranderde van het ene op het andere moment.
Geen afasie meer?
Aan het einde van mijn behandeling zei mijn logopedist:
‘Je hebt geen afasie meer. Tenminste, technisch gezien niet.’
Ik dacht toen: ik ben klaar met oefenen!
Maar later begreep ik dat het anders zat.
Volgens de testen had ik geen afasie meer.
Mijn scores waren net hoog genoeg.
Maar in het dagelijks leven had ik nog steeds moeite met taal.
Ik had dus nog steeds last van mijn afasie.
Praten blijft moeilijk
Mensen om mij heen zeggen vaak:
‘Je kunt toch best goed praten?’
Dat is fijn om te horen.
Maar zelf merk ik dat ik vaak zoek naar woorden.
Bijna iedere zin kost mij moeite.
Dat maakt mij soms onzeker.
Ik weet dat ik trots mag zijn op wat ik allemaal kan.
Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan.
Ik probeer nu al drieënhalf jaar mijn afasie te accepteren.
Dat vind ik moeilijker dan ik had verwacht.
Blijven oefenen
Ik wil graag blijven werken aan mijn taal.
Daarom ben ik naar een andere logopedist gegaan.
Zij heet Thea.
Ik dacht:
‘Als mijn taal maar een klein beetje beter wordt, ben ik al blij.’
Ook oefen ik iedere ochtend zelf.
Ik lees een verhaal hardop voor.
Daarbij tik ik op het bureau, in een vast ritme.
Misschien helpt dat!
Zelf hoor ik niet veel verschil.
Maar andere mensen merken wel vooruitgang.
Ik geef niet op!
Soms is het moeilijk om te blijven oefenen.
Maar ik ga toch door.
Ik wil blijven werken aan mijn taal.
Voor mezelf, maar ook voor de mensen om mij heen.
Want ook al zeggen de testen iets anders:
ik ervaar nog steeds de gevolgen van afasie.
En daarom blijf ik oefenen!